Stichting Veilige Paardensport

Stichting Veilige Paardensport is in 2001 opgericht en kwam tot stand met de steun van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Visserij, Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en De Lotto.

In 2002 is gestart met het invoeren van het veiligheidscertificaat. Het veiligheidscertificaat is in eerste instantie ontwikkeld als certificaat voor maneges. Inmiddels heeft het zich ontwikkeld tot een certificaat voor alle hippische accommodaties zoals maneges, verenigingen, menaccommodaties, pension- en africhtingsstallen, handelsstallen, fokkerijen, stoeterijen, enz. Op dit moment zijn er circa 1150 hippische accommodaties in Nederland met het veiligheidscertificaat. De Stichting Veilige Paardensport heeft geen winstoogmerk. De kosten die worden gemaakt, onder meer in verband met de keuringen, worden doorberekend aan de accommodatiehouders. Een substantiële toename van het aantal aangesloten hippische accommodaties zal een wijziging van de kosten met zich brengen.

Stichting Veilige Paardensport geeft het veiligheidscertificaat uit. De inspecteurs van de Stichting Veilige Paardensport worden ingeschakeld bij het keuren van hippische accommodaties in verband met toekenning of verlenging van het veiligheidscertificaat. Tijdens de keuring wordt vastgesteld of de accommodatie nog voldoet aan de eisen zoals vermeld in het handboek Veilig Paardrijden.

Voorwaarde om lid te kunnen zijn van de FNRS is het in bezit hebben van een geldig veiligheidscertificaat. Sinds januari 2008 heeft de KNHS aan al haar verenigingen met een binnenaccommodatie laten weten dat ook zij moeten beschikken over een veiligheidscertificaat. Het veiligheidscertificaat is ook voor de SRR voorwaarden voor het aanvragen en organiseren van ruiter- en koetsiersexamens. 

Bestuur en medewerkers van Stichting Veilige Paardensport streven ernaar, waar mogelijk, alle hippische accommodaties certificaathoudend te maken en hiermee de veiligheid in de paardensport te bevorderen. Daarnaast is het eisenpakket, zoals dat is weergegeven in het handboek, in beperkte mate “organisch” van vorm; nieuwe situaties en voortschrijdend inzicht vragen om aanpassingen van het eisenpakket. Bestuur en medewerkers proberen hier op een adequate manier vorm aan te geven.

In de Nederlandse sportsector in het algemeen, maar ook in de internationale hippische sector, is het veiligheidscertificaat inmiddels een bekend en gewaardeerd begrip. Zo nemen hippische organisaties de eisen over en worden de ontwikkelingen vanuit de buurlanden met grote interesse gevolgd.